Archief voor mei 2007

Over kraaien, fietsen en boksen.

mei 31, 2007

Afgelopen weken was het niet echt om over naar huis te schrijven. Kulli was weer eens een paar dagen en route en ik mocht au pair spelen voor Katri. Wat me, al zeg ik het zelf, redelijk afgaat. Het is een schatje, alleen hevig puberend. Dus afspraken maken lukt niet echt, maar ze is zo om en nabij een uur of acht thuis, na haar Franse en wiskunde bijles, en God weet waar ze allemaal nog meer uithangt. Waar ik als pleegvader braaf het eten bereid en vraag hoe haar dag was, om daarna samen met haar ‘ American Supermodels’ te kijken. Zugd.

 

Mijn dagen zijn niet zo bijster interessant. Ik sta op, ontbijt en ga werken op het atelier. Het spannendste afgelopen week was toen ik doorhad dat ik achtervolgd werd door een hele grote kraai, vanaf de supermarkt tot aan mijn atelier. Ik wist dat het dezelfde was, want hij hinkte en had een grote grijze vlek op zijn hoofd. Waarschijnlijk had hij het gemunt op mijn vürtsi pirukas, ( de Estse versie van een worstebroodje waar ik inmiddels aan verslaafd ben ) want hij kwam gevaarlijk dichtbij. Het kreng was zo groot dat ik er bang van werd en met versnelde tred richting atelier liep. Aldaar aangekomen zag hij zijn kans schoon, maar ik werd gered door twee meeuwen, ookal van die gevaartes, die hem aanvlogen, alsof het mijn witte beschermengelen waren.
Je ziet het, dit zijn de anekdotes waar ik het mee moet doen.

 

Ik ben inmiddels wel weer begonnen met sporten. Het strand aan huis en het weer van de afgelopen dagen nodigden nogal uit en ik ben aan het joggen. Sinds deze week ook weer begonnen met boksen. Ik kwam terecht bij Poksiklub ‘Maximus’, ik was vooral aangetrokken tot de naam, om een of andere reden. De bokszaal is in een keldertje, en het stinkt naar zweet en autobanden. Precies zoals het hoort te zijn. Oleg, mijn trainer, mijn Mickey, is Russisch en kent net zoveel Engels als ik Ests, wat hij overigens ook niet spreekt. Ik train met vooroorlogs materiaal en kerels in het kaliber van Drago, maar iedereen is reuze vriendelijk en behulpzaam.
Ik heb via de Estse versie van marktplaats een oude Letse legerfiets gevonden voor een schamele 100 kronen ( 4 Euro ) en die ga ik dit weekend halen met een nichtje van Kulli. Een tijdlang reed ik rond op een of andere superbike van Kulli’s ex, maar dat zat me toch niet lekker ( kostelijke woordspeling ) en daarbij zijn al die mountain, city en hybride bikes allemaal niet aan mij besteed. Ik heb dadelijk een fijne degelijke fiets zonder 1200 versnellingen en met terugtraprem zodat ik tenminste niet zo’n belachelijke helm ophoef.

 

Het ‘ Telegraaf Hotel’ is verkozen tot de beste 10 hotels in de wereld, en Kulli’s interieur ontwerp is genomineerd voor de hoofdprijs. In september worden de prijzen uitgereikt te Londen. Ze heeft bijkans iedere dag interviews en fotoshoots voor allerlei internationale gerenomeerde interieur bladen en kranten en word overal voor uitgenodigd. Ik laat al wat van die feestjes liggen, ik hoef niet zo nodig overal bij te zijn, ik heb het wel een beetje gehad met al die openingen en presentaties van designshops met dezelfde treurige hapjes en sneue drankjes. Het lijkt net alsof er maar een cateringzaak in Tallinn is.

 

Ik heb dus sinds kort een gezamenlijke rekening met s’ werelds beste Interior designer. Mooi materiaal voor een minderwaardigheidscomplex. Kulli was reuze enthouisiast in de bank, ik stiknerveus, zat me druk te maken of ik die maandelijkse lasten wel aankon.

 

Dit weekend is ze in Milaan. Ik heb met een paar lotgenoten, ontheemden zoals ik, samenwonend met Estse vrouwen, afgesproken om in de kroeg ons beklag te doen en veel bier te drinken. Daarnaast hoop ik eindelijk eens te gaan schilderen. Ik heb geen opdrachten dit weekend, dus alle tijd voor die meesterwerken die ik mezelf beloofd had te maken alhier.

Over openingen, netwerken en roze champagne.

mei 21, 2007

Een divers land met een contrastrijk volk.

Afgelopen week ben ik enkel naar openingen, feestjes en verjaardagen geweest, waar ik de meest uiteenlopende mensen heb ontmoet. Kulli vierde na drie jaar hard werken de opening van haar nieuwste hotel, ‘Hotel Telegraaf ’. Ontegenzeggelijk een beeldschoon hotel en een biezondere prestatie. Iedereen is vooral onder de indruk van de stijlvolle zwarte lobby die toch heel ruim oogt en biezonder licht is. De opening werd gedaan door de Estse president en vele andere waarschijnlijke ontzettend belangrijke mensen waren aanwezig. Champagne, zwart geld, en dikkenekken. Helemaal mijn stijl , ik voelde me ook ontzettend op mijn gemak aldaar..

 

Kulli kan dat veel beter dan ik en ik liet haar maar begaan en tewijl zij door de een na de andere hotemetoot gefeliciteerd en gecomplimenteerd werd, liet ik me langzaam naar de achtergrond verdwijnen en vluchtte ik naar de lobby waar er nog gerookt mag worden. Daar raakte ik , smokers unite, in een biezonder boeiend en geanimeerd gesprek met een kerel die uiteindelijk de Estse representant van Unicef bleek te zijn. Het gesprek ging via de nieuwe anti-rook regelgeving per 17 juni, naar de culturele waardes van treistations, richting de Pronkssodu, intimidatie, propaganda, maatschappelijk belang en identiteitskwesties.

 

We waren inmiddels al een pakje marlboro’s verder eer het over werk ging.Mijn ideeen en mijn achtergrond betreffende de zorgverlening voor gehandicapten sprak hem aan en hij stelde me voor aan de presidente, een biezonder mooie en charmante dame die enkel duits sprak. Met hem als tolk en ik op mijn beste duits bespraken we de mogelijkheden voor een zorgboerderij of een activiteitencentrum of iets in dien aard, in Tallinn, een concept wat hier volledig onbekend is. Toen er uiteindelijk kaartjes werden uitgewisseld en een afspraak werd gemaakt voor begin juni om elkaar te ontmoeten, begreep ik opeens dat ik keihard aan het netwerken was. Geen idee wat dit gaat opleveren, maar het zou toch mooi zijn als ik mee kon helpen bij het opstarten van iets zinvols in Tallinn

 

De avond erna was het de opening van het hotel voor het klootjesvolk. Ik kon er helaas, he jammer, niet bij zijn, want ik had ‘s avonds mijn afsluitend examen voor mijn talencursus Ests. Een 7.8, ik ben niet geheel ontevreden..

Om dit te vieren ( er waren geen onvoldoendes ) zijn we naar mijn all time favourite kroeg ‘ Hell Hunt’ gegaan. Een biezonder gezellige avond. De dag ervoor was ik chauffeur, maar heel wijselijk was ik vandaag niet met de auto gekomen. Na een paar pintjes belde Kulli me om te zeggen dat het feest in Telegraaf over was en ze cocktails ging drinken in haar andere hotel met een vriendin. Mijn vriendjes en vriendinnetjes gingen naar huis en ik liep richting ‘Hotel Euroopa’. Geen spelfout, zo schrijven ze dat hier.

 

Eenmaal aangekomen trof ik een scene uit een maffia film aan. Een chique lege lounge, naast vijf vadsige mannen in pak aan tafel met opgezwollen koppen die Kulli en haar vriendin omringden, de tafel vol met omgevallen glazen, literflessen vodka en roze champagne. Veel gebral en een nerveuzig gegiechel vanuit de vrouwelijke hoek. Ik kuste mijn lief gedag, de mannen namen me aandachtig op en besloten me te negeren, toen ik vol zelfvertrouwen van mijn 7.8 ze gedag zei.

 

Ik schoof aan, naast Valentina die me voor wilde stellen aan een van de heren naast me. Hij was uiteraard niet geinteresseerd maar bleef champagne inschenken voor haar. Ze vertelde hem dat ik een Nederlandse kunstenaar was waarop hij schamper zei dat hij mijn werk weleens wilde zien. Punt is, dat ik mijn portfolio immer meedraag, ik zat nog te twijfelen of het in deze situatie wel zinvol en gepast was, maar vol goede moed van gisteren en als leuk onderwerp van gesprek toonde ik hem mijn map. Hij bladerde het door, maar was niet onder de indruk en vertelde dat hij kunst nutteloos vond.

 

Prima, dacht ik. Ik had geen zin in discussie, of jawel eigenlijk altijd, maar had wel door aan zijn zweterige voorhoofd, de natte afdrukken van zijn vingers op mijn map en zijn rooddoorlopen ogen dat het gewoon een vervelende rijke dronken dikke patser was, die meer geinteresseerd was om mijn tafelgenotes mee naar huis te nemen dan een debat aan te gaan over aestethiek en de cultuurwaarde van schoonheid. De dikke patser en Valentina gingen met elkaar in discussie in het Ests. Kulli zat aan de rand van de tafel verderop met een andere dikke patser in gesprek. Nog dikkere, echt veel dikkere rijke dronken patser komt aanlopen, of nee waggelen is het woord en roept me bij zich, om mij een glas in te schenken. Ik sta bij hem en het wordt een beetje oude jongens krentebrood sfeertje waarin hij zijn ziel en zaligheid aan me blootlegt. Olie en vastgoed zijn een verloren zaak, de beste hoeren zijn in Kazachstan en Georgia, en hij houdt van iedereen, vooral van mij, want ik ben zijn vriend. We proosten een boel samen en ik wil onderhand weg want ik heb het helemaal met hem gehad, vooral zijn continue consumptie in mijn gezicht begint me tegen te staan. Als ik achter me kijk zie ik Kulli opstaan en weglopen, ik vermoed naar het toilet. De zweterige dikke patsers proberen haar op hun schoot te krijgen, maar Kulli charmant als ze altijd is, lacht vriendelijk en duwt de nogal opdringerige handen van zich af. Ze wenkt me nogal dwingend dat het tijd is om te gaan.

 

Echter, het gesprek aan tafel begint verhitter te raken. De overgebleven patsers bemoeien zich met het gesprek van Valentina, wat nog steeds over aestethiek blijkt te gaan, zo vertaal ik. Ik vang dingen op in de trant van, vrouwen kunnen niks, kunst is geldverspilling en wat doet die nep-kunstenaar hier, laat hem oprotten naar zijn eigen land. Valentina, ik ken haar al enkele jaren, staat haar mannetje, ze is bijzonder kalm en probeert rustig uit te leggen aan deze zakenlui dat ze er niks van snappen, dat kunst en schoonheid de mensheid redt en zij slechts domme rijke rukkers zijn. Mijn pasverworven nieuwe beste vriend stormt briesend aan en wil haar te lijf gaan.

 

Ik ben op slag broodnuchter, werp mezelf ertussen en probeer hem te kalmeren. Hoe dronken hij ook is, hij begint in het Engels te schreeuwen tegen Valentina dat zij mij moet vertellen wat ze juist zei in Ests tegen hen. Ik vind het een beetje onsamenhangend verhaal van hem, vind die hele vertaalslag niet nodig, maar neem zijn postuur en dreigende houding zeer serieus. Hij spuugt en wijst , schreeuwt en probeert haar vast te grijpen. Ik hou hem en de tafel tegen, kijk hulpeloos rond, maar de rest van de groep vindt het biezonder vermakelijk dat hun kameraad door het lint gaat. Het wordt lelijk op het moment dat ze hem negeert en mijn beste, zware vriend begint te roepen dat ze een stomme hoer is, dat ie dr zou kopen om dood te neuken en in elkaar te timmeren. Ik ben inmiddels al die tijd bezig de rinkelende telefoon in mijn broekzak te negeren, Valentina te vertellen dat we moeten gaan, mijn vriend met mijn arrmzalige 80kg in bedwang te houden en onze spullen bijeen te zoeken. Ze wil niet mee. Ze weigert gewoon, ze vind dit het juiste moment om deze groep gorilla’s te vertellen dat hun leven leeg en nutteloos is met hun dikke portemonaiie maar gebrek aan smaak. Ik laat mijn vriend los en pak Valentina bij de arm en werk haar via de meute de deur uit. In de lobby aangekomen, barst ze in huilen uit en vertelt me dat Kulli en ik de wereld mooier maken maar dat deze mannen, varkens zijn het allemaal, dat niet snappen. Ik ben daar inmiddels ook achter maar probeer haar duidelijk te maken dat het buiten wellicht een betere plek is om de avond te evalueren.

 

Mijn telefoonaccu heeft het, om dingen interessanter te maken, begeven en Kulli is nergens te bekennen. Ik vraag Valentina haar te bellen maar die is weer in discussie gegaan met de mannen die ons gevolgd zijn. Vanuit de perspex deur zie ik mijn grote vriend weer aan komen stormen dus ik trek Valentina de tent uit. Buiten staat een auto te wachten waar ze me induwt. Dat blijkt een vriend van haar te zijn die haar zou thuisbrengen, maar ik ben mijn lief kwijt en stap de wagen uit om haar te gaan zoeken, waar dan ook. Valentina probeert mij nu de wagen in te trekken om me thuis te brengen. Het is allemaal vrij verwarrend en na ernstig aandringen van mijn kant, belt de chauffeur met zijn telefoon Kulli, die niet weet waar ze is en ergens al een half uur in een taxi verderop blijkt te zitten in een soortement van shocktoestand. Haar taxichauffeur heeft er ook al een zware dag opzitten, kan niet uitleggen waar die geparkeerd staat en we rijden een half uur lang rond het hotel om de groep compleet te krijgen.

Het bleek uiteindelijk dat de mannen Kulli kende omdat ze de geldschieters waren van dit hotel en dat Kulli was vertrokken, hopende dat we zouden volgen, nadat ze beledigd werd door een van de kerels.

Het was allemaal niet zo dramatisch, hoogstens reuze spannend, en de volgende dag kreeg Kulli al telefoontjes met excuzen en verontschuldigingen.

Zoals ik zei, vrij contrastrijk, en dan ben ik pas op een dinsdag..

Volgende keer meer.

 

Pronkssõdur

mei 10, 2007

Pronkssõdur

Geen idee of Estse perikelen het nieuws in Nederland bereiken, maar er stond dus een biezonder mooi heroisch standbeeld de pronkssõdur, ( Bronzen soldaat ) ter nagedachtenis aan de Russische gevallenen in de tweede wereldoorlog in hartje Tallinn. Jammerlijk alleen is dat de Russen na de tweede wereldoorlog, nadat ze de Duitsers verjaagd hadden bleven zitten in Estland en hier het communisme installeerde. Het communisme werkt alleen, zoals we weten, als niemand bezwaren maakt dus er zijn ook talloze,  meer dan tijdens de oorlog, Esten verdwenen, vermoord of naar Siberie gestuurd.

De regering had besloten om het beeld naar een algemene militaire begraafplaats te verplaatsen ( een week voor de nationale rouwdag ) en nu heb je de Russische bevolking in Estland die de barrikades opspringt de Esten fascisten noemt, rellen schopt en ’s avonds stenen gooit en ordinair de stad plundert.  Achja. Als je naar de beelden kijkt heb je soms het idee dat een gemiddelde voetbalwedstrijd van Ajax-Psv dezelfde beelden oplevert.

Het moment dat de eerste winkelruiten sneuvelde in de nacht, heeft de regering het boeltje gebarricadeerd en het beeld opgepakt en alsnog verplaatst. De rest van de week zijn er opgravingen gedaan en ook de lijken zijn aldaar begraven.

 Het leeft nogal hier, de problematiek tussen Esten en Russen. Estland is pas een kleine 16 jaar onafhankelijk. Stel je Nederland 1960 voor met een kwart van de bevolking aan Duitsers in onze landgrenzen. Nu is het een zooitje, niemand spreekt elkaar aan, Russen nemen ontslag bij Esten en andersom, zoeken ruzie, samenscholingen zijn verboden, politie in de straten, een compleet alcoholverbod in alle winkels tot na de herdenking! Drooglegging, dat is een goed idee! Al een week geen bier! Ik word gek! Dadelijk ga ik de straten op en stenen gooien!

Kulli, Katri en ik waren het weekend van de rellen, heel slim, in Rusland, St. Petersburg om mijn ouders en le Hermitage te bezoeken. Met de auto is het 3 uur rijden vanuit Tallinn, we kozen voor de nostalgische boemeltrein die er zeven uur over doet, inclusief twee uur grondige controle aan de grens bij Parnu waar de dames mij verzochten om geen stomme grappen te maken of te lachen.

We verbleven in de Estse ambassade, of tenminste in het huis van de estse ambassadrice, een vriendin van Kulli, die belde dat haar huis dat weekend toch leegstond. Bleek later dat ze door de Estse regering geevacueerd waren. De ambassade was twee huizen verder. Er stonden in het begin twee busjes voor de deur met politie die heel de dag patrouilleerde, maar om helemaal niets. In Moskou staat er een uitzinnige (betaalde, zo beweert de Estse propaganda) meute te demonstreren voor de Estse ambassade, hier stond 1 dwaas met een spandoek de hele dag in zijn eentje door weer en wind. Want het is hartje zomer, maar het sneeuwt natuurlijk in st.Petersburg.

Mijn ouders waren als invitees van de Sophia’s vereeniging mee op concertreis en ik ben slinks met mijn lief en dochter via hen meegelift om alle concerten mee te maken. Vooral Carl Orff’s Carmina Burana in de Smolny kathedraal was erg indrukwekkend.  Kulli en katri waren vrij bedeesd, en spraken onderling weinig Ests. Maar het enige echte commentaar kregen we van de Russiche schoonmaakster die we in de gang tegenkwamen en zei dat ze zich nergens mee wou bemoeien, maar het niet goed was wat we met de dode soldaten deden.

Gisteren was het dan de dodenherdenking en iedereen, de Estse premier inclusief heeft keurig netjes zijn bloemen gelegd op de nieuwe locatie van het beeld zonder al te veel moeilijkheden. De Russen bleven hardnekkig bloemen op de oude plek leggen, wat ik dan wel weer mooi vind. Iedereen dacht dat de pleuris zou uitbreken, maar dat viel allemaal reuze mee. Wellicht had het te maken met de smsjes die de regering aan alle telefoons in Estland verstuurde om vooral niet geprovoceerd te raken. Wat is het toch een biezonder land.

Morgen kan ik goddank weer gewoon mijn A.le Cocq bier uit de supermarkt halen..

Huis, tuin en keukenconflicten

mei 2, 2007

Toon & Külli in de sauna

Inmiddels alweer een aantal weken verstreken. Ben in de tussentijd een paar dagen naar Nederland geweest. Grappig dat het minder dan een half uur duurt voordat je je weer volledig thuisvoelt. Buitenlander zijn is toch niet zo exclusief als gedacht.  

Hier gaat het leven gestaag verder. De ordinaire huis, tuin en keuken conflicten worden steeds minder. Ik weet zo onderhand waar alles ligt en hoort te staan in het huis, ik trek zo nu en dan een schoon shirt aan, ik scheer me regelmatig en mijn bioritme past zich langzaam aan, alleen van het roken heeft ze me nog niet afgekregen.

Aangezien Kulli van ‘s ochtends vroeg tot ‘s avonds laat moet werken, spendeer ik de meeste tijd op mijn ateliertje. Waar ik rustig kan roken en plannen wat te doen. Van mijn pretentieuze schilderplannen zijn tot nu toe nog niks gekomen, gemakshalve maak ik me druk om acquisitie en mijn website om zodoende het echte werk uit de weg te gaan.

 Ala Danai begin ik me rond een uur of zeven druk te makn wat we gaan eten en probeer ik de boel te mobiliseren om boodschappen te doen. Gezien mijn achtergrond waar voor acht uur gezamenlijk eten een must was om zodoende daarna met een bakje koffie voor het journaal te kunnen zitten, is het voor mij moeilijk mezelf neer te leggen bij de duiventil mentaliteit. Misschien is dat stukje structuur iets wat ik kan bewerkstelligen hier.