Archief voor december 2008
August does Egypt
december 2, 2008Storm in Tallinn
december 2, 2008Ik geloof dat zowat al mijn berichten beginnen met een welgemeend excuus voor het feit dat ik zolang niets geschreven heb.
En ook deze keer wordt het niet origineler dan dat. Behalve dan, dat ik mijns inziens dit keer met een redelijk aannemelijke reden kom. De afgelopen veertien dagen was ik in eenzame isolatie ingesneeuwd. Nuja, niet zozeer eenzaam, ik zat in Ellistvere, het countryhouse van Külli alwaar ik een oude belofte gestand deed en alle muren van de nieuwgebouwde tweede verdieping zou gaan pleisteren. Mensen die mij beter kennen, weten dat het helemaal geen goed idee is om mij langdurig te laten doe het zelven. Een lamp verwisselen doe ik zo, draai ik mijn hand niet voor om, maar bij alles wat langer of intensiever is dan dat, verlies ik heel vaak gedurende het proces allereerst verscheidene onderdelen, daarna materiaal, daarmee mijn geduld, zelfbeheersing, en uiteindelijk mijn zin, om zodoende het ganse project maar af te schrijven, op een to-do lijstje te zetten en op te schuiven voor onbepaalde tijd. Dus had Külli Avo voor mij gevonden, een bejaard Ests mannetje, met ontzettende ervaring, die mij de kneepjes van het vak zou leren, en haar moeder uitgeleend voor het behartigen van de inwendige mens tijdens dit project.
Uiteraard sprak Avo noch Engels, noch Duits, zodat ik fijn mijn Ests kon oefenen die week. Nu is het gelukkig allemaal niet zo ingewikkeld. De muren moesten allereerst bekleed worden met een rieten mat, en daarna volgesmeerd worden met cement. De rieten matten zijn bedoeld voor natuurlijke isolatie op volstrekt ecologische wijze voor bewoner en ter frustratie van de metselaar. Wat een klotewerk. ‘Räske töö’ zoals de Esten dat iets beleefder uitdrukken: zwaar werk. En Avo, mijn leermeester, mijn sensei.. die liet blijken hoe professioneel hij was in de bouw, door inderdaad steeds meer en langer uitvoeriger koffie te drinken en sigaretjes te roken. Na een paar dagen werd het haast ruzie, omdat en ik gek werd van dat idiote kanaal met experimentele Estse gregoriaanse gezang op de radio wat hij zo graag horen wilde en omdat hij letterlijk om de vijf minuten ging zitten voor een rookpauze. Als fervente roker zijnde vond ik het prima in het begin, maar ik voorzag dat ik hier zou moeten overwinteren eer het klaar was, de snelheid waarmee hij werkte..
En die vrees werd bijna waarheid.. Met Avo had ik het zo bijgelegd, met tegenzin ging de radio op een ander kanaal, en werden de werkdagen voor mijn part in ieder geval stukken dragelijker. Neen, het probleem was, dat het echt opeens winter werd! Een gigantische sneeuwstorm trok over Estland, en Ellistvere, lekker in het binnenland werd redelijk geteisterd.
Het begon leuk, een nachtje vorst, een dagje sneeuw, maar op een ochtend word je wakker en is de pomp stukbevroren. Dan moet je de put openbreken en letterlijk emmertjes water halen, wat in het begin reuze romantisch is ( zover ik al in de stemming was voor romantiek ) maar na twee dagen gewoonweg frustrerend wordt. Ik was me niet bewust, hoe vaak je achteloos de kraan opengooit om wat te wassen of te spoelen, totdat je heel spaarzaam je tandenborstel gaat uitspoelen in een kopje, omdat je het verdomt om jezelf weer helemaal in te pakken, muts, handschoenen, bril en al, om naar de put 10 meter verderop te lopen in die ijzige wind.
Kulli was inmiddels gekomen met August, in haar super Lexus viel die sneeuwstorm reuze mee zei ze, maar we wisten nog niet dat het nog erger zou woprden
Ik was dolblij dat Külli kwam. ’s Avonds bracht ik Avo meestal rond 7en naar huis en Külli’s moeder ging na de thee om 8 uur naar bed. Alhoewel ik de laptop bij had ( neen, uiteraard geen internet bereik ) en mijn computerspelletje ‘ Medieval II’ , zodat ik in de avonden Europa kon veroveren word je soms stiekem toch een beetje gek, ondanks dat je weet dat het je eigen schuld is omdat je de taal niet goed genoeg beheerst, dat je meer dan een week lang met geen mens face to face een fatsoenlijk gesprek kunt voeren dat dieper gaat dan het weer, het eten of het cement.
Ik denk dat Külli binnenkwam en de serieuze storm begon. In de avonduren had ik de oude Noorse slee opgeknapt die op de hooizolder lag. Hij deed het biezonder goed en de volgende ochtend toen Moeder Natuur Estland op zijn mooist had gemaakt, en de wegen zo spekglad dat ik met mijn Berlingo zonder winterbanden op weg naar Avo’s huis in de greppel schoof, hebben we, nadat vriendelijke omstanders mij uit diezelfde greppel trokken, een vrije dag ingelast, gespeeld en gesleed.
August, staat ernstig ingepakt in Katri’s oude babywagen op de achtergrond.
De dag daarna was het niet koud of irritant meer om naar buiten te gaan, het was schier onmogelijk. De momenten dat je overweegt om je tandenborstel uit te spoelen in de wc pot omdat nog geen wilde paarden je naar buiten gaan sleuren zijn de momenten dat je beseft dat de natuur je heel nietig maakt en innig laat verlangen naar stromend, warm water met lavendel of limoengeur.
Als de wind viel, was het wel doenbaar buiten, de kou was niet zo ernstig. Maar hoe goed ingepakt je ook bent, na verloop van tijd, dringt de nattigheid binnen en bevriezen je vingers en tenen, en wens je niets anders dan warme chocolademelk en een stoof onder je voeten. De dag daarvoor lag August, land’s eer, land’s wijs nog buiten in de sneeuwstorm zijn middagdutje te doen, nu werd daarvoor een uitzondering gemaakt. Al was het maar omdat dat we de wagen niet buiten konden krijgen.
We moesten dag na dag uitstellen om naar huis te gaan. Er werd al niets meer gepleisterd omdat Avo, slechts 6 km verderop al onbereikbaar was en de muren te koud waren om op te werken. Er was niets meer in huis, we hadden vlees omdat Külli’s moeder die week zojuist een heel varken geslacht had, een kelder vol met eten uit de moestuin, ingeblikt tot zomer 2020, maar geen bier en geen sigaretten meer.. Ik had het biezonder zwaar. En op een avond, besloot ook de electriciteit het te begeven.. Had ik al gezegd hoezeer je stromend watrer ging waarderen als je het niet meer had?
Uiteindelijk na een hele ochtend sneeuwschuiven, scheppen en bellen, om ons door een plaatselijk boertje uit de misere te laten trekken, zijn we met een slakkengang van 10 km per uur naar huis gereden. Mijn auto zal een kleine winterslaap aldaar moeten maken, misschien zie ik haar pas weer in de lente.. De tocht naar huis was vreselijk spannend. Constant in Hyperspace, door de sneeuw die met vreselijke vlagen de ruiten teisterde en zicht onmogelijk maakte. De bijna tweehonderd kilometer lange tocht naar huis was een hellerit van bijna vijf uur lang, waarin Külli, August, Oma, de kat, alle bagage en 150 kilo versgeslacht varkensvlees in 1 auto zich liet glijen met 10 kilomete per uur van de ene volgesneeuwde bocht naar de andere over eenzame wegen. ( Omdat geen enkel ander zinnig denkend mens die avond op de wegen verscheen )
Uiteraard alles overleefd, en hoe dichter we bij Tallinn kwamen hoe leefbaarder en beter berijdbaar alles werd. Een paar dagen later was alles gesmolten. Kleine vieze donkere hoopjes aan de wegkant herrinderen nog aan de sneeuw, maar de Esten bereiden zich nu voor op de echte winter die komen gaat..
Volgende keer over mijn moeder, de globetrotter, die hiervoor een weekje langs is geweest om haar kleinkind te bewonderen, zich heeft laten insmeren door wildvreemde Russische dames, een boel werk heeft verzet ( waarvoor nogmaal dank! ) en heeft gebabysit met Katri, zodat ik en Külli voor de eerste keer in vier maanden zonder kinderzorgen met zijn tweetjes konden stappen ( waarvoor ook grote dank! )








